Keuzes………

De laatste tijd is het een beetje stil vanaf mijn zijde, stil op Facebook (facebook.com/hondengeleider), Twitter (@hondengeleider) en deze blogpagina. De reden hiervoor is dat ik een beetje social media moe was, niet alleen social media moe, maar mijn hele lichaam was en is moe.

Mijn voormalige leidinggevenden gaven altijd aan: “Hugo, je neemt teveel hooi op je vork, je wilt teveel”, uiteraard was ik het hier niet mee eens en dat heb ik ook altijd zo aangegeven. Mijn lichaam kon wel door, ik ben een work-a-holic, er zitten te weinig uren in een dag, dat was mijn motto altijd en ontspannen kan altijd nog als je met pensioen bent.

Inmiddels zijn wij privé druk bezig met het bouwen van een nieuw huis. Dit is het eerste huis wat we bouwen en daar komt best wel veel bij kijken, heel veel zelfs. Ondanks dat het bouwbedrijf liever niet had dat ik op de bouw kwam, kreeg ik het door mijn overredingskracht toch voor elkaar dat ik tussen mijn diensten al kon beginnen aan het buitenschilderwerk. Er stond immers een grote steiger om onze woning en ik kon er op dat moment goed bij. Tijdens één van deze schilderwerkzaamheden schoot het mij in de onderrug, ik stond boven op het dak en kon letterlijk en figuurlijk geen kant op, ik stond zo krom als een hoepel.

Ondanks diverse keren een bezoek te hebben gebracht aan de fysio en chiropractor komt er geen verbetering in mijn onderrug, er blijft een spanning op staan. Ik had/heb dus tijd, tijd om na te denken……..

Breston

Ik ben een perfectionist (en dat is niet altijd makkelijk als je werkt met levende have), ik wil zaken zo goed mogelijk doen, niet alleen privé maar ook vooral tijdens mijn werk. Ik heb een hekel aan personen welke hun afspraken niet nakomen en als ik ergens moet zijn dan ben ik er altijd een half uur van te voren. Als je daarover goed gaat nadenken, dan zit je je eigen lichaam in de weg, ontspannen is voor moeilijk en kwam eigenlijk niet voor in mijn woordenboek.

Ik heb altijd met heel veel plezier op straat gewerkt als hondengeleider op straat, echter daarnaast komen ook nog allerlei andere verplichtingen zoals bijvoorbeeld de trainingen, vergaderingen, etc., etc.. Ik kwam er achter dat ik de laatste tijd voortdurend in een negatieve spiraal terecht kwam, een negatieve spiraal welke alleen maar meer stress en spanning in mijn lichaam bracht en ik kwam er niet uit. Ik ging met steeds meer tegenzin naar die trainingen, bijeenkomsten, etc., ik zag er geen uitdaging meer in. Ik heb alle waarschuwingen uit het verleden van mijn lichaam in de wind geslagen, keer op keer moest ik tijdens oefeningen fysiek afhaken omdat mijn lichaam het simpelweg liet afweten, door jarenlange opkroppen van onder andere “stress”. Met andere woorden ik moest beter luisteren naar mijn lichaam, maar deed dit niet.

Breston vertoonde zich ook niet top tijdens de trainingen en na een grote medische keuring bleek dat hij vergroeiingen in zijn rugwervels had, dus aan de pijnstillers. Ik mag niet meer met hem springen, echter het geboefte houdt hier geen rekening mee als ze over de schuttingen klimmen als ik als ze aanzit met mijn maatje. Dus Breston zou, na overleg, zijn laatste certificaat hebben gedraaid en er zou worden uitgekeken naar een nieuwe diensthond voor mij.

Door al dit gebeuren heb ik de knoop doorgehakt: “Ik stop als hondengeleider”, ik wil weer dingen doen die leuk zijn en mij weer energie geven. Wat ik ga doen? Ik weet het nog niet, de gesprekken zijn nog in volle gang, ik wil op straat blijven werken, want dat is toch echt het mooiste van het hele politiewerk. En daarnaast, we gaan het zien……

Ik wil een ieder bedanken voor zijn/haar bijdrage, reacties, complimenten, opmerkingen en dergelijke. Ik heb middels mijn Facebook- en twitteraccount en blogs getracht een inzicht te geven wat je als hondengeleider meemaakt op straat. De accounts blijven voorlopig openstaan en misschien komen er wel weer “verhalen van de straat”, maar dan mijn activiteiten zonder diensthond.

Want ik ben nog steeds van mening dat wanneer je als politie laat zien wat je doet je misschien iets meer begrip kunt kweken voor ons werk.

Ik zag een kale kop …….

Nadat een brandstofdief was aangehouden door de collega’s, ging ik in eerste instantie met Breston op zoek naar de tweede brandstofdief. Echter door de over ijverig zoekende collega’s, waardoor Breston tot drie keer toe bijna een collega in zijn/haar been beet vond ik het mooi geweest. Zoeken met mijn maatje had absoluut geen zin op dit moment, dus hem maar weer in de dienstauto gedaan.

Het signalement van de tweede nog voortvluchtige verdachte was een lang mager persoon met een kale kop.

Nadat alle collega’s klaar waren in het dorp en weer vertrokken heb ik mijn voertuig ergens geparkeerd en heb vervolgens alsnog een zoekslag gemaakt met de aangelijnde Breston. Helaas vonden we de tweede verdachte van de brandstofdiefstal niet meer……

Tot ik weer vlak bij mijn dienstvoertuig liep. Ik zag dat Breston zich groot maakte en duidelijk menselijke geur rook en in de richting van de snackbar liep. Ik hoorde vervolgens ook breekgeluiden, althans het klonk of er op dit moment werd ingebroken aan de achterzijde van de snackbar. Het was er enorm donker en door de struiken kon ik langzaam een signalement zien. Ik zag een kale kop. Het zal toch niet zo zijn dat dit de tweede verdachte was welke nu aan het inbreken is bij de snackbar? Omdat het ijzig stil was in het dorp kon ik ook mijn bevindingen niet doorgeven via de portofoon aan de meldkamer, dit zou namelijk de verdachte ook horen en via de struiken kon ik op geen mogelijkheid bij hem komen.

Breston bleef gelukkig heel rustig en spitste voortdurend zijn oren in de richting van de verdachte, hij kon door de dikke laurierstruik de verdachte waarschijnlijk niet zien.

Laurierstruik

Ik moest een ruimte vinden waardoor wij dichter bij de verdachte konden komen. Dus heel langzaam om de struiken heen gelopen en ik kwam terecht op de oprit achter de snackbar. Wij bleven nog steeds uit het zicht van de verdachte. Nadat ik langzaam bij de achterzijde van de snackbar was gekomen was het tijd om in actie te komen. Ik stapte samen met Breston een stap op zij en had vol zicht op de verdachte. Ik zette de verdachte middels mijn zaklamp volledig in het licht en schreeuwde: “Politie, staan blijven of de hond wordt ingezet”……..huh? die man is poedelnaakt en heeft alleen nog zijn schoenen aan.

Ik was even met stomheid geslagen, de man bedacht zich echter geen moment, pakte een emmer op van de grond en sprong over een hekje de openbare weg op en zette het op een sprinten.

Samen met Breston ook over het hek geklommen en tijdens het sprinten aangeroepen: “Politie, staan blijven of ik stuur de hond”, nadat ik Breston had gesteld op de verdachte zag ik tijdens het sprinten dat de verdachte omkeek terwijl Breston hem heel snel naderde. Er viel wat uit de emmer zag ik, huh, dat zijn etensresten. En dan moet je in een luttele seconde gaan beslissen dat je je diensthond niet kunt inzetten voor het verzamelen van voedselresten. Ik schreeuwde naar Breston “NIET BIJTEN”, terwijl hij zijn bek al opendeed om zich vast te pakken in het onderbeen van de verdachte. En tot mijn grote verbazing luisterde Breston naar mijn commando en beet de verdachte niet.

Ik was inmiddels dicht bij “verdachte” gekomen, echter hij was nog niet van plan om te stoppen. Ik was er klaar mee, de man sprintte een oprit op een ik kon hem middels een trap tegen zijn onderbeen tot stoppen dwingen. De man viel op de grond ik zette mijn knie in zijn nek en pakte met mijn rechterhand zijn onderarmen vast en met mijn andere hand hield ik Breston op afstand van de persoon. De man werkte voor geen meter mee, ik had weinig grip op zijn naakte lichaam en dan ook nog een diensthond bij je welke eigenlijk maar één doel had, het bijten van deze persoon.

Nadat ik Breston redelijk rustig had gekregen en ik ook het idee had dat de persoon zijn verzet had opgegeven liet ik hem heel even los. Ik had nog steeds mijn knie in zijn nek en de persoon lag op zijn zij.

Op het moment dat ik de meldkamer mijn bevindingen doorgaf zag ik vanuit mijn ooghoek een vuist in de richting van mijn gezicht komen. Ik kon deze nog maar net ontwijken en gaf als reactie gelijk een volle vuistslag in het gezicht van de persoon. Hij brak het verzet nu helemaal, maar ik liet hem niet meer los. Boeien kon ik hem nog niet, aangezien ik Breston niet los kon laten.

Dus dan moet je wachten op de collega’s…….en dat duurt dan best wel lang. Ik had inmiddels het zweet overal zitten waar maar zweet kon komen. Na enige tijd kwamen gelukkig de collega’s welke de persoon overnamen.

En de kale kop welke ik dus zag door de laurierstruik……..was een blote kont…..

Schermafbeelding 2014-08-19 om 09.53.27

[x] Ongeschikt

Mijn nachtdienst zat er bijna op, de collega’s van de vroege dienst stroomden langzaam binnen en ik zou mijn maatje nog even uitlaten en dan rap mijn bed opzoeken. Ik stapte in mijn auto, wenste de collega’s van de vroege dienst een goede dienst toe en reed de binnenplaats van het bureau af.

Het was niet nieuw voor mij dat er op het laatste moment nog een melding zou komen waar ik mee zou rijden. De stem van de centralist van de meldkamer kwam door via de mobilofoon: “Prio 1 collega’s Leeuwarden, aanrijding letsel Hendrik Algraweg, u heeft toestemming”. Ik bood gelijk aan om die kant op te gaan en werd gekoppeld door de centralist aan de melding. Het was halverwege de Hendrik Algraweg, een klein model voertuig was vol op een vrachtwagen gereden en ik kwam als eerste ter plaatse.

foto 112fryslan

Ondanks het tijdstip stond er al een hele file achter het ongeval, in de verte zag ik al voertuigen draaien om een alternatieve route te kiezen. Ik liep naar de personenauto, er zat een man achter het stuur, het motorblok zat onder zijn kin en de versnellingspook zat daar waar ooit een achterbank had gezeten. Je hoeft dan geen medicus te zijn om te beoordelen dat de man was overleden, desondanks voelde ik door het gebroken glas en het wrak van de auto aan de halsslagader van de bestuurder. Er was geen teken meer van leven. Ik gaf mijn bevindingen door aan de collega’s en centralist en zag de eerste pitauto’s met blauw-blauw aankomen rijden.

Ik schakelde snel om en gaf aan dat de kruising met de Overijsselselaan en de Newtonweg afgezet moesten worden door de collega’s, tevens verzocht ik de VOA (Verkeers Ongevallen Analyse) ter plaatse en andere collega’s voor het horen van getuigen.

De VOA legt een heel ongeval vast in een boekwerk, vol foto’s en metingen welke door hen zijn gedaan. Naast de getuigenverklaringen zijn de gegevens van de VOA onmisbaar bij complexe ,en soms minder complexe, aanrijdingen zeer zinvol.

Het bleek dat de bestuurder van de personenauto om wat voor reden dan ook op de verkeerde weghelft was gekomen, waardoor deze frontaal in botsing kwam met de vrachtenwagen.

In de tussentijd zag ik dat een collega in discussie was met een andere weggebruiker, een niet prettig gesprek zeg maar, althans zo klonk het. Aangezien de overige collega’s bezig waren met het opvangen van de lichtgewonde vrachtwagen chauffeur en het horen van getuigen liep ik naar de collega toe. De onbekende jonge bestuurder gaf aan dat wij ruimte voor hem moesten creeeren, we moesten rap, maar dan ook heel rap plaats voor hem maken, want hij had een hele belangrijke sollicitatie. Door deze oponthoud zou hij te laat komen en daar zat hij niet op te wachten. Mijn collega gaf aan dat hij er niet langs kon, maar als de weg vrijgemaakt zou worden hij er weer langs kon. De jongeman werd kwaad en schreeuwde: “Ik wil er nu langs”. Ik vroeg hem om zijn legitimatiebewijs en de jongeman overhandigde mij zijn rijbewijs. Ik vroeg hem waar hij wou solliciteren en of wij wat voor hem konden betekenen om te bellen dat hij mogelijk iets verlaat zou zijn. De jongeman gaf aan: “Ik word jullie nieuwe collega, ik ga solliciteren bij de politie”. Ik keek op van mijn notitieboekje en vroeg aan hem: “Weet je dat wel heel erg zeker, je hebt nogal een opvliegend karakter. De manier hoe jij je hier gedraagd ten opzichte van mijn collega, vind ik je niet echt geschikt voor de functie”.

Op dat moment kwam een collega en gaf aan dat de jongeman zijn auto kon draaien en via een alternatieve route kon vervolgen. Ik gaf hem zijn rijbewijs terug en hij stapte in zijn auto en reed met piepende banden weg. De Chef van Dienst kwam naar mij toe en vroeg wat voor een debiel dat was. Wij gaven onze bevindingen door over zijn optreden en zijn toekomstige sollicitatie.

Ik neem wel contact op met de selectiecommissie gaf hij aan.

’s Middags kreeg ik een telefoontje van de betreffende chef, onze boze jongeman was bij binnenkomst al afgewezen bij zijn sollicitatie. Hij was al foeterend op de politie binnen gekomen bij het selectiegesprek, dit was nou niet bepaald een goede binnenkomer voor een goed gesprek bij een nieuwe werkgever. Zo’n persoon viel dus onder de categorie

[   ] Geschikt

[ X ] Ongeschikt

foto

Hij stonk een uur in de wind…..

Het was een erg rustige vrijdagnacht, erg weinig meldingen kwamen binnen via de portofoon tot er een melding binnen kwam dat er een gepleegde inbraak had plaatsgevonden in een vleeshouwerij in de stad. De sleutelhouder was al ter plaatse maar vertrouwde het niet om naar binnen te gaan, met het idee dat er nog een persoon dan wel personen binnen zouden zitten. Dus een mooi klusje voor Breston en mij.

De collega’s welke net iets eerder ter plaatse waren dan mij, gingen gelijk op de hoeken van het pand staan in afwachting van mijn maatje en mij. Ik bekeek de schade aan het pand en zag aan de voetsporen binnen dat er meerdere voetstappen naar binnen waren gegaan, echter een uitspoor kon ik nog mijn collega’s ontdekken. Het zou natuurlijk super zijn als ze nog binnen zaten.

Dus Breston uit de auto gehaald, aangelijnd en naar binnen gegaan. Eén van de collega’s was al een keer gebeten door mijn oude diensthond, dus die gaf gelijk aan: “Als jij naar binnen gaat, dan hou ik de deur wel extra dicht, zodat Breston niet naar buiten kan komen”. Ik moest lachen en wist gelijk waar hij op doelde, hij zou destijds een deur dichthouden, echter toen hij even bij de deur wegging en deze open liet staan hing mijn oude diensthond Barry in zijn been.

Na het aanroepen, een verplichting om de ongewenste gasten toch nog de mogelijkheid te geven om zich over te geven, liet ik Breston zijn gang gaan. Het gehele kantoorgedeelte was overhoop gehaald, echter er zat niemand meer in die ruimtes. Toen kwam de grootste uitdaging, ik ging de “werkplaats” in. Een grote hoeveelheid stukken vlees hingen aan haken aan het plafond en ik zag Breston al likkend om zijn snuit de ruimte binnen gaan. Na een korte waarschuwing richting Breston dat hij moest zoeken, keek hij niet meer om naar al die uitdagingen aan het plafond. Helaas, er zat niemand meer in het pand, op een andere zijde zag ik natte voetstappen naar buiten waren gegaan, dus het ongewenste bezoek was al vertrokken.

Nadat ik mijn bevindingen door had gegeven aan de collega’s maakte ik ondanks de vele menselijke geur welke er hing, door de collega’s, een zoekslag buiten het pand. Het duurde niet lang en hij trok enorm richting een collega welke de schade aan de grote schuifpoort aan het fotograferen was. Ik hield Breston, uiteraard weer aangelijnd, kort bij me en de collega hield op met fotograferen.

Breston had echter een enorme aandacht voor de containers, met wat later bleek slachtafval te zijn. De collega had zelf al op de gesloten container gestaan om zo te kijken of hij via deze weg op het platte dak van de vleeshouwerij kon zien. Omdat ik zelf het idee had dat niemand in de container met het slachtafval zou zitten wou ik Breston wegtrekken. Echter hij bleef halsstarrig naar de containers gaan, na enig gesnuffel van hem stopte hij bij de middelste container en begon te blaffen. Ik verbaasde mij hierover, want de lucht in de buurt van de containers was niet te harden. Maar goed, om mijn werk maar af te maken, begon ik te roepen: “Politie, kom te voorschijn de hond is aangelijnd”.

Ik zag collega’s verbaasd naar mij kijken, één van de collega’s riep nog: “Hugo daar zit alleen slachtafval in, ik heb al in die containers gekeken”. Hij had het nog niet gezegd en de klep van de container ging open. Een man stond rechtop in de container en deed zijn handen omhoog, “Hou die hond bij je, ik geef me over”. De man zat helemaal onder het slachtafval en stonk een uur in de wind, echt niet meer normaal. Nadat ik hem uit de container had laten komen, was het de beurt aan de collega’s. Deze mochten hem voorzien van transportboeien en fouilleren, ik had het niet meer van het lachen de collega’s stonden kokhalsend de verdachte te boeien.

De verdachte werd achter in een transporter gezet en dit was voor het eerst dat de collega’s met geopende zijdeuren naar het bureau reden.

Niet gebeten door Breston maar wel een hele leuke actie en het blijkt maar weer dat je volledig kunt en moet vertrouwen op je diensthond.

Ik heb een hand gevonden….

Mijn late dienst was nog maar net begonnen of ik kreeg de melding van de centralist van de meldkamer om naar een locatie in de buurt van Leeuwarden te gaan. De intercity van Leeuwarden naar Zwolle had iets geraakt, echter het was totaal onbekend wat het was en of ik even een kijkje kon nemen. De plaats waar de intercity iets had geraakt zou ongeveer 400 meter achter het treinstel zijn geweest.

Binnen 5 minuten was ik ter plaatse en deed voor mijn eigen veiligheid even het gele zichtbaarheidsvestje aan. Op een afstand van zo’n 200 meter zag ik een stilstaande intercity staan, dus ik moest ongeveer bij het goede treinvak staan. In de verte zag ik een persoon zwaaien, naar wat later bleek een conducteur. Ik liep over de spoorrails in de richting van de stad waar de trein vandaan was gekomen.

Je beeldt je altijd in wat je kunt vinden, ik hou meestal rekening met het ergste, dan kan het altijd meevallen. Helaas deze keer was mijn inbeelding terecht, ik vond aan de zijde van de rails een afgerukte hand. Dat deze er nog niet lang had geleden kon je zien aan het “verse” bloed wat rond de hand zat. Inmiddels zag ik ook de collega’s in de verte aankomen met “blauw-blauw”. Ik gaf mijn bevindingen door via de portofoon en vroeg aan de collega’s of ze de machinist en de conducteur op konden vangen. Aan de meldkamer vroeg ik of de spoorwegpolitie ook in kennis kon worden gesteld.

Afbeelding

Ik liep verder en zag steeds meer lichaamsdelen liggen, totaal uit elkaar gescheurd. Op dit moment kon ik hier niets meer doen, dus ook maar richting de trein gelopen waar een hevig geëmotioneerde machinist naast zijn trein zat. Collega’s deden er van alles aan om de man rustig te krijgen, ik hoorde hem maar schreeuwen: “Ik wist dat een persoon was, ik wist het”. Ondertussen hing meer dan helft van de treinpassagiers uit het raam en aanschouwden het menselijk leed van de machinist. Diegene die al schreeuwend uit het raam kwam hangen met de vraag: “Wanneer gaan we weer verder”, werd op zijn/haar voetstuk gezet door de overige passagiers.

Toen ik naar de voorzijde van het treinstel liep zag ik een grote pluk haar met veel bloed onder de voorzijde hangen. Dat zijn dan de momenten dat je niet moet nadenken wat voor een leed iemand heeft gehad voordat ze voor een trein springen. Het aparte is dan dat een lugubere humor opsteekt onder de hulpverleners. (Welke ik in deze blog hier niet ga verwoorden. De lezende hulpverleners van mijn blog weten wat ik bedoel).

Nadat alles fotografisch was vastgelegd was het tijd om alle lichaamsdelen te verzamelen in de ons bekende plastic lijkenbak. Niet alle collega’s wilden meezoeken naar de lichaamsdelen, iets wat best wel begrijpelijk is. Dus uiteindelijk met een aantal collega’s en brandweerlieden het traject afgezocht. We vonden nagenoeg alles terug, behalve het volledige hoofd, deze was schijnbaar dermate uit elkaar gereten dat hier bijna niets meer van over was.

Eén van de brandweerlieden vond een beurs met een afscheidsbrief van het slachtoffer, de laatste zin was: “Iedereen bedankt voor het leven, mijn excuses alvast naar de machinist van het treinstel, maar ik kan niet meer, ik ga op reis met de intercity……”

We werken voor dezelfde overheid…..

Afgelopen weekend eindelijk weer begonnen na een lange tijd thuis zitten vanwege een blessure, eindelijk weer de straat op. En ja inderdaad het af en toe gezeur aanhoren van stappers in de horeca was ook weer begonnen. Het was uiteraard niet weg geweest, maar ik heb het zeker niet gemist.

Zo ook de vrijdagnacht, collega’s schreven een jongeman op voor het urineren tegen het gerechtsgebouw in de stad, dit terwijl er vijftig meter verderop een plaszuil staat. Oke, ik geef toe er staan te weinig plaszuilen in het centrum. Maar om nu lukraak tegen het eerste de beste gebouw/voorwerp te gaan urineren als je uit een kroeg komt gaat mij te ver.

De, schijnbaar, vrienden van de jongeman waren het niet eens met de bekeuring en deden er alles aan om hun vriend maar mee te nemen zonder dat deze een bekeuring zou krijgen. De collega gaf zijn bevindingen door via de portofoon en binnen korte tijd stonden er meerdere eenheden hem “af te schermen”. De “wildplasser” was een bekeuring rijker en de groep vertrok, althans daar leek het op.

Een aantal keren kwamen ze terug met de woorden: ‘Belachelijk hoor, we werken voor dezelfde overheid, stoer hoor’ en begonnen hard te applaudiseren naar de beide collega’s. Nadat ze nog een paar keer terug kwamen liepen ze weg en iemand kon schijnbaar zijn emoties niet meer onder bedwang houden en beledigde de collega welke zojuist de bon had uitgeschreven.

Image

En dat was dus niet slim, de persoon werd aangehouden ter zake belediging en weer was de groep er, hoe verassend, het niet eens met de aanhouding want je laat je vrienden nooit achter. Ze gaven direct aan dat wij geen respect hadden voor hun, ze waren net terug van hun uitzending uit Afghanistan en wij moesten ons werk beter doen.

Dus maar eens aangegeven of hun het begrip respect wel kenden? Als hun groepscommandant tijdens een training hun zou verplichten tot een speedmars, zouden ze dan ook zeggen: “Pffff, stoer hoor, we werken bij dezelfde overheid, goed gedaan hoor” en dan onder luid applaus hun groepscommandant toejuichen. Euhm nee natuurlijk zouden we dat niet doen, maar wij moesten maar respect hebben dat ze net terug waren uit Afghanistan en wij wisten niet wat ze daar allemaal hadden meegemaakt.

Nu ben ik zelf ook in mijn tienjarige militaire dienstverband op missies geweest, zelfs op missies die nog steeds onder embargo liggen, missies waar de Nederlandse bevolking totaal geen weet van had. Dus ik gaf aan dat ik wist wat het was om terug te keren in Nederland na een missie, andere cultuur, andere begrippen, etc.. Met andere woorden er werd elke keer verwacht dat je maar heel snel weer om kon schakelen naar de Nederlandse cultuur, natuurlijk is dat lastig en met behulp van de alcoholische versnaperingen word je schijnbaar wat loslipperig.

Mijn boodschap was schijnbaar duidelijk, de groep had geen zin meer in deze discussie en zouden graag op de hoogte worden gesteld als hun maatje weer vrij kwam, want je laat je vrienden niet in de steek, alleen niet eerder bellen dan 16.00 uur, want dan slapen we nog…….. –zzzzzzzzz-

Doorligmatras….

Na een uit de hand gelopen nachtdienst, om 03.30 uur zou deze er al op zitten, echter het werd 07.30 uur ging ik eindelijk naar bed. Ik was behoorlijk gaar en ik weet nog dat ik op mijn kussen lag en toen ging het licht uit.

Echter om 09.30 uur ging mijn GSM, ik pakte hem met een slaapdronken hoofd op. Het was de centralist van de meldkamer, terwijl hij mij aan het bij spreken was, de helft kreeg ik maar mee, gaf hij ineens aan: “Shit, je hebt je toen straks afgemeld bij mij en na een paar uurtjes bel ik je al weer wakker, ga maar weer slapen ik bel wel een andere geleider”.

Aangezien mijn slaapkamer raam vlakbij de kennel van mijn diensthond is, was ook mijn maatje al wakker geworden. Bij hem was het mechanisme ook constant, GSM welke overgaat betekend werken, dus hij stond al zenuwachtig rondjes te draaien voor het hekwerk bij zijn kennel.

Image

(Foto via internet)

Ik gaf aan de centralist aan dat het niet uitmaakte, ik was immers toch al wakker. Ik kreeg de locatie door en zou vermoedelijk mijn ogen wel open hebben als ik op de plaats delict zou arriveren, de collega’s konden me dan bijpraten.

Dus snel aankleden, diensthond in de auto en 10 minuten later stond ik bij de collega’s. Wat bleek, ze hadden een melding gehad van een heterdaad autoinbraak, tijdens de achtervolging was de verdachte een groot pand ingevlucht. Dit pand stond op de nominatie voor de sloop en had allerlei aparte ruimtes, een behoorlijk groot pand dus. Echter er was één probleem, ik kon het perceel alleen bereiken via een garage waar ik op moest klimmen. Dat klimmen dat lukte mij nog wel, alleen mijn diensthond moest ook mee. Dus het klimtuigje achter uit mijn voertuig gehaald, mijn maatje afgelegd en ik ben zelf omhoog geklommen waarna ik hem omhoog kon hijsen. Missie één geslaagd, ik was op het dak en kon via een open staand raam naar binnen.

Na het aanroepen, wat een verplichting is om een mogelijke verdachte toch nog een kans te geven om te voorschijn te komen, liet ik mijn diensthond zijn gang gaan, niemand had de moeite genomen om zich te melden.

Zo’n melding bestaat altijd uit het luidkeels roepen: “Hier spreekt de politie, melden of ik stuur de hond”, daarbij blaft de diensthond dan in zijn taal luidkeels mee.

Nadat de gehele benedenverdieping was gedaan en niemand was aangetroffen was het de beurt voor de bovenverdieping. Mijn toenmalige diensthond had een verschrikkelijke hekel aan traplopen, dus toen hij de trap aan het eind van de gang zag, ging zijn staart al naar beneden. Op het moment dat ik mijn diensthond bij mij wilde roepen om hem aan te lijnen en dwangmatig naar boven te laten lopen, sprintte mijn diensthond ineens met volle vaart de trapt op.

Dus zelf ook sprintend achter mijn diensthond de trap op, toen ik op de overloop stond zag ik nog net dat hij met zijn poot de deur opendeed. Deze deur stond op een klein kiertje, echter hij zette zijn nagels achter de deur en deed hem zelfstandig op, best wel makkelijk zo’n self-supporting diensthond.

Midden in de kamer stond een bed, op het bed lag een dekbed, alleen alles lag erbij alsof de kamer net was opgemaakt. Het dekbed lag super strak op het bed, echter mijn diensthond dacht wat anders. Hij sprong boven op het bed en begon luidkeels te blaffen, met andere woorden hij maakte voor mij een melding dat hij iets of iemand had gevonden. Ik vond het vreemd, er was geen beweging onder het dekbed en onder het bed liggen was geen optie, want daar was geen ruimte voor.

Maar goed, nooit twijfelen aan je diensthond is mij ooit geleerd, dus ik riep hem van het bed af. Hij kwam naast mij zitten, ik lijnde hem aan en riep: “Politie, kom tevoorschijn, de hond is aangelijnd”. Tot mijn grote verbazing ging het dekbed opzij en onder dit dekbed lag de verdachte zoals de collega’s hadden omschreven. De man lag zeg maar op een echte doorligmatras, waardoor het leek als of er niemand op het bed lag. Dankzij mijn maatje de verdachte aankunnen houden.

Na de administratieve rompslomp konden we eindelijk weer naar huis om te slapen, maar voor zulke zaken daar doen we het voor, dit zijn de krenten van de pap. Niet alleen dankzij mijn diensthond, maar ook door de collega’s welke het pand goed hadden afgezet was er weer een autoinbreker, tijdelijk, van straat.